Lake District reisblog

Lake District

De buitenlandse schoolreis

Zwerven door het Lake District

Wiliam Wordsworth, één van Engeland’s beroemdste dichters, had een vooruitziende geest. Toen hij eind 18e eeuw zijn uitspraak deed, kon hij niet vermoeden dat anderhalve eeuw later, in 1951, zijn Lakesland inderdaad national property zou worden: het Lake District in het graafschap Cumbria werd, met een oppervlakte van 2279 km2, het grootste nationale park van Groot-Brittannië. Met zijn romantische poëzie gaf Wordsworth ongewild het toerisme een zetje. Want hoewel het gebied nauwelijks 64 kilometer in doorsnede telt, trekt het jaarlijks zo'n 12 miljoen bezoekers - dat is ongeveer een kwart van de Engelse bevolking - en zijn er meer reis-gidsen over verschenen dan over ieder ander natuurpark in Engeland.

Bill Bryson van National Geographic had meer dan één woord nodig om uit te drukken hoe mooi hij het vond:

Few places anywhere offer a more bequiling interplay of hills, lakes, and soft green valleys than this small corner of Northwest-England. The rugged peaks, wild, high moors, and wandering vales contain a drama and grandeur elsewhere lacking in the tranquillandscape of Engjand.

(Uit: Beauty besieged. Englands Lake District, Bill Bryson, National Geographic, aug. 1994).

Rotsen en meren

Het Lake District bestaat eigenlijk uit drie gebieden waarin diverse soorten gesteente, die uit verschillende geologische perioden dateren, het uiterlijk bepalen. In het noorden afgeronde heuvels en bergen van oude, zachte leisteen zoals de Skiddaw (916 m). In het centrale deel liggen de rode, roze en groenige vulkanische rotsen van Borrowdale met de hoogste toppen: Scafell Pike (977 m, hoogste van Engeland), Scafell (964 m), Helvellyn (949 m) en Great Gable (899 m). Het landschap is er ruig met puntige toppen, grillig gevormde rotsen en diepe afgronden. Het zuiden met zijn ronde heuvels, weelderige bossen en groene valleien is het lieflijkst. Hier dateert de leisteen uit een jongere periode en is blauwgrijs of zwart van kleur. Vanuit Grasmere, het hart van het gebied, waaieren de zestien meren die de Lakes rijk zijn uit als de pluisjes van een paardebloem. Ontelbare tarns (bergmeertjes) verrassen de wandelaar onderweg.

Schapen

Dichters, schrijvers en reisjoumalisten zijn het over één ding eens: het landschap van het Lake District is zo lekker ongeschonden. Toch is dat gedeeltelijk schijn. Al zo'n 6000 jaar drukten achtereenvolgens prehistorische bewoners (overblijfselen van het bronzen tijdperk zijn de menhir-cirkels Long Meg bij Salkeld en Castlerigg bij Keswick), Romeinen, Kelten, Noormannen, Schotten en Engelsen hun stempel op de streek. Zij kapten de bossen die vroeger het hele gebied overdekten en lieten er schapen grazen zodat jonge loten niet opnieuw aangroeiden. Wat overbleef was het weidse grasland van de Lakes.

Dichters en schrijvers

De bekendste dichter die over het Lake District schreef is William Wordsworth (1770-1850), geboren in Cockermouth. Zijn gedichten lokten tal van schrijvers en dichters naar het gebied: romantici die de ruige natuur adoreerden en die zich Lakeland-Poets noemden, zoals Coleridge, De Quincey en Ruskin. Naast gedichten publiceerde Wordsworth in 1810 zijn Guide to the Lakes, een reisgids. Een eigenzinnige schrijver die zich in onze eeuw bekommerde om het Lake District was A. Wainwright. Hij doorkruiste de hele streek, beklom 214 toppen en bracht deze stelselmatig in kaart. In eerste instantie schreef en tekende hij voor zijn eigen plezier, maar al snel vlogen de boeken de winkels uit.

Zijn zeven pictorial guides staan vol met nauwkeurige beschrijvingen, tekeningen, nuchter commentaar en grappen. Wainwright wijdde zijn leven aan het Lake District en wilde in Haystacks begraven worden:

A quiet place a lonely place. I shall go to it tor the last time, and be carried: someone who knew me in life will take me and empty me out of a little box and leave me there alone. And if you dear reader, should get a bit of grit in your boot as you are crossing Haystacks in the years to come, please treat it with respect. It might be me.

(A. Wainwright)

Flora en fauna

Wie de narcissen wil bewonderen waar Wordsworth zijn beroemdste gedicht aan wijdde, moet er in mei en begin juni zijn, maar ook 's zomers zijn flora en fauna interessant. Op de fells groeien op enkele plaatsen jeneverbesstruiken en in het duingebied aan de Ierse Zee groeit het zeldzame lamsoor. In de weilanden komen sleutelbloemen, blauwe grasklokjes, zuring, narcissen en anemonen voor. Langs en in de meren: valeriaan, gele irissen en waterlelies. Het meeste wild zit in de bossen in het zuiden en noorden van het Lake District. Hier kun je rode eekhoorns, herten, konijnen, hagedissen en adders treffen. Er huizen ook boommarters, vossen, hermelijnen en wezels, maar de wandelaar ziet ze zelden of nooit. Het vogelleven is vooral boeiend in de heuvels, waar raven, buizerds, sperwers, slechtvalken en steenarenden voorkomen. In en aan de meren leven meeuwen, eenden, futen, duikers en wilde zwanen. In sommige rivieren zit nog een enkele otter.

Wandelen

Wandelen is dé manier om het Lake District te zien. Zelfs in het hoogseizoen als de dorpen overladen zijn met toeristen, kun je de rust en verlatenheid van het landschap opzoeken. OP PAD-lezer Peter Koning: 'We beklommen de Scafells, Skiddaw en Helvellyn en we kampeerden in de heuvels. Er waren dagen waarop de wolken weken en bleek zonlicht de toppen goud deed afsteken tegen de zwarte heuvels. Op andere dagen daalde de mist neer en werden we ingesloten door een grijze wereld. Af en toe kregen we het gevoel dat er duistere machten aan het werk waren!'

Volgens Peter kun je overal vandaan en naartoe lopen. Over de heuvels, naar de hoogste toppen, langs de meren, naar watervallen, langs de rivieren of door de weilanden (over schapen trappen en hekken). 'Je moet het gebied niet onder- schatten. De bergen halen weliswaar de 1000 meter niet, maar sommige dalen liggen op slechts 100 meter, dus ~ meerdere keren honderden meters stijgen per dag is gewoon', aldus Peter. 'En dan zijn er nog de losse stenen en spekgladde natte grashellingen die een aardige hindernis kunnen zijn.'

Een goed startpunt voor wandelingen is Windermere, omdat je daar aan de voet van de bergen zit. Voor wandelaars geldt: routemarkeringen zijn schaars, een goede kaart en kompas onmisbaar. En je moet de kunst van het kaartlezen meester zijn. Een verrekijker is handig bij het naar de route zoeken. Omdat er zoveel mogelijkheden zijn, is het moeilijk tips te geven. Maar elke reisgids geeft er wel een paar. Zoals Hunter Davies in zijn Walk around the lakes:

The walk round Coniston is delightful. At the head of the lake there's a most tremendous view. You see right up the lake at almost water level, as if you are swimming, with the water stretching for ever into the distance.

Tabel met de gemiddelde temperatuur, het gemiddelde aantal millimeters neerslag en het gemiddelde aantal zonne-uren

 tempneerslagzonne-uren
januari317034
februari410656
maart5,586102
april883139
mei10,581192
juni1483181
juli15111146
augustus15130140
september13173103
oktober9,515572
november6,515239
december514728

Klimaat en beste tijd

In het Lake District is het weer nooit lang hetzelfde en er komen grote klimaatverschillen voor. Peter Koning: 'Terwijl het in de dalen al lente was lagen de toppen nog onder de sneeuw'. Berucht zijn de stormregens in juli en augustus. De kou, wind en regen beheersen vooral de hogere regionen. De grilligheid van het weer is onder andere af te lezen aan de hoeveelheid neerslag. Seathwaite (vlakbij Borrowdale) is met 3342 mm neerslag per jaar de natste bewoonde plek van Engeland, terwijl er in Keswick dat slechts 13 kilometer verderop ligt, maar 1476 mm neerslag valt. Tuist omdat het weer zo sterk verschilt van plek tot plek en van uur tot uur, is het raadzaam voor een tocht de Weather Service te bellen. Roger Davis, docent Engels, komt al jaren in het Lake District: 'Ik houd van de lange zomeravonden, maar helaas heeft dan de halve wereld vakantie. je kunt beter in mei of juni gaan. Dan is het rustig en staan de rododendrons en narcissen in bloei. Eén keer ben ik in september/oktober geweest. Dat was schitterend. Toen droeg het hele gebied een jas van herfstkleuren.